{"id":3706,"date":"2015-02-11T10:35:33","date_gmt":"2015-02-11T09:35:33","guid":{"rendered":"https:\/\/wordpress.juriplan.nl\/?p=3706"},"modified":"2020-09-07T13:45:11","modified_gmt":"2020-09-07T11:45:11","slug":"vermindering-onderzoekslasten-door-fasering-2","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/juriplan.nl\/?p=3706","title":{"rendered":"Vermindering onderzoekslasten door fasering"},"content":{"rendered":"<p>[et_pb_section fb_built=&#8221;1&#8243; _builder_version=&#8221;4.4.8&#8243; background_enable_color=&#8221;off&#8221;][et_pb_row _builder_version=&#8221;4.6.1&#8243; background_color=&#8221;#f2f2f4&#8243; max_width=&#8221;none&#8221; custom_padding=&#8221;2vw|2vw|1vw|2vw|false|false&#8221;][et_pb_column type=&#8221;4_4&#8243; _builder_version=&#8221;4.6.1&#8243; background_color=&#8221;#f2f2f4&#8243; custom_padding=&#8221;||||false|false&#8221;][et_pb_post_title _builder_version=&#8221;4.6.1&#8243; _module_preset=&#8221;default&#8221; date_format=&#8221;j M Y&#8221; featured_image=&#8221;off&#8221; hover_enabled=&#8221;0&#8243; sticky_enabled=&#8221;0&#8243;][\/et_pb_post_title][et_pb_text _builder_version=&#8221;4.6.1&#8243; custom_padding=&#8221;|2vw||2vw|false|false&#8221; hover_enabled=&#8221;0&#8243; sticky_enabled=&#8221;0&#8243;]<\/p>\n<blockquote>\n<h3>Gemeenten experimenteren met Omgevingswet<\/h3>\n<p>Door het ruimtelijke planproces op te splitsen in een globaal en specifiek deel zijn onderzoekslasten aanzienlijk te reduceren. Het omgevingsplan biedt in de toekomst meer mogelijkheden voor fasering, omdat milieueisen als voorwaarde kunnen worden gesteld. Al ruim dertig gemeenten experimenteren daar nu mee.<\/p>\n<p>Achtergrond bij de nieuwe wetgeving door Arjan Nijenhuis en Maarten Engelberts.<\/p>\n<p>&nbsp;<\/p>\n<p><a href=\"http:\/\/romagazine.nl\/vermindering-onderzoekslasten-door-fasering\/8575\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">Lees hier de originele publicatie<\/a><\/p>\n<\/blockquote>\n<p>[\/et_pb_text][\/et_pb_column][\/et_pb_row][et_pb_row column_structure=&#8221;1_4,3_4&#8243; _builder_version=&#8221;4.6.1&#8243; background_color=&#8221;#ffffff&#8221; max_width=&#8221;none&#8221; custom_padding=&#8221;2vw|2vw|1vw|2vw|false|false&#8221;][et_pb_column type=&#8221;1_4&#8243; _builder_version=&#8221;4.4.8&#8243;][et_pb_blurb title=&#8221;Maarten Engelberts&#8221; image=&#8221;https:\/\/juriplan.nl\/wp-content\/uploads\/2020\/09\/maarten-zwart-wit-788aae-150&#215;150.jpg&#8221; _builder_version=&#8221;4.6.1&#8243; header_text_align=&#8221;center&#8221; header_text_color=&#8221;#ffffff&#8221; background_color=&#8221;#788aae&#8221; text_orientation=&#8221;center&#8221; background_layout=&#8221;dark&#8221; custom_padding=&#8221;2vw|1vw|2vw|1vw|false|false&#8221; hover_enabled=&#8221;0&#8243; border_radii_image=&#8221;on|10px|10px|10px|10px&#8221; body_text_align=&#8221;left&#8221; sticky_enabled=&#8221;0&#8243;]<\/p>\n<p>Maarten Engelberts, werkzaam bij de Dienst Stedelijke Ontwikkeling van de gemeente Den Haag en tevens bij de programmadirectie van IenM, publiceerde dit artikel samen met <a href=\"https:\/\/nl.linkedin.com\/in\/arjan-nijenhuis-30346025\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">Arjen Nijenhuis<\/a><\/p>\n<p>[\/et_pb_blurb][\/et_pb_column][et_pb_column type=&#8221;3_4&#8243; _builder_version=&#8221;4.4.8&#8243;][et_pb_image src=&#8221;https:\/\/juriplan.nl\/wp-content\/uploads\/2020\/09\/impressie-laakhaven-1.jpg&#8221; alt=&#8221;Artist impression bouwlocatie Laakhaven West. Alles mag in dit gebied, als de geluidbelasting aan de gevel van de nieuw te realiseren woningen maar niet meer wordt dan 50 dB(A). Beeld MiSl in opdracht van de Gemeente Den Haag&#8221; title_text=&#8221;impressie-laakhaven&#8221; align=&#8221;center&#8221; _builder_version=&#8221;4.6.1&#8243; _module_preset=&#8221;default&#8221;][\/et_pb_image][et_pb_text _builder_version=&#8221;4.6.1&#8243;]<\/p>\n<p>Vermindering van onderzoeksverplichtingen is een belangrijk uitgangspunt voor het wetsvoorstel-Omgevingswet. Daarmee worden procedures sneller en goedkoper. Onderzoek naar aspecten van de leefomgeving en de effecten op de natuur bijvoorbeeld blijven vanzelfsprekend wettelijk verplicht. De Omgevingswet biedt echter de mogelijkheid om dat onderzoek effici\u00ebnter te organiseren en vooral te faseren, legt Arjan Nijenhuis uit. De plaatsvervangend directeur van de programmadirectie Eenvoudig Beter op het Ministerie van Infrastructuur en Milieu (IenM) reist met zijn collega\u2019s ook dit jaar weer stad en land af om de mogelijkheden uit te leggen en collega-overheden, maar ook grote bedrijven met raad en daad te ondersteunen. Nijenhuis: \u2018Je kunt bij zo\u2019n brede stelselherziening niet verwachten dat gemeenten meteen in de startblokken staan om alles meteen te gaan invoeren en gebruiken. Bij de Wabo hebben we gezien, dat je vastloopt als je niet tijdig met die informatievoorziening begint. Dat gebeurde toen bij de digitalisering. Het is dus belangrijk dat we daar samen met de gemeenten en anderen naartoe werken, zodat de invoering straks in logische stappen verloopt.\u2019<\/p>\n<p>Er zijn al ruim dertig gemeenten bezig met de omgevingsvisie. Ruim dertig doen er mee aan experimenten met het omgevingsplan. \u2018Samen al bijna zeventig gemeenten. Dat wil toch wel wat zeggen\u2019, merkt Arjan Nijenhuis op, doelend op het belang en de urgentie om het planproces eenvoudiger en beter te maken.<\/p>\n<h3>Een doos vol rapporten<\/h3>\n<p>Kern van de aanpak om de onderzoekslasten te verminderen is de splitsing van de \u2018of\u2019 en \u2018hoe\u2019-vraag, zoals ze het op het ministerie noemen. Op grond van de Wro en andere wetgeving moet je alles onderzoeken bij het vaststellen van een bestemmingsplan, ook al is dat globaal. Juist bij globale bestemmingsplannen kunnen die onderzoekslasten hoog oplopen omdat het noodzakelijk is meerdere uitvoeringsvarianten te onderzoeken. De \u2018of\u2019- en \u2018hoe\u2019-vraag moeten in zo\u2019n onderzoek tegelijkertijd worden beantwoord.<\/p>\n<blockquote>\n<p>De Omgevingswet maakt het veel gemakkelijker om globaal te bestemmen<\/p>\n<\/blockquote>\n<p>Maarten Engelberts, werkzaam bij de Dienst Stedelijke Ontwikkeling van de gemeente Den Haag en tevens bij de programmadirectie van IenM, weet uit ervaring wat dat betekent. \u2018Als ik alleen al het akoestisch onderzoek neem. Daar kreeg ik dan een doos vol rapporten over op mijn bureau. Dat onderzoek duurde met het hele proces van stedenbouwkundig plan, overleg en tussentijdse aanpassingen zo\u2019n anderhalf jaar.\u2019 Hij refereert aan de procedure voor het globale bestemmingsplan van het gebied Laakhaven, met een mix van wonen, werken en voorzieningen. \u2018We willen daar ruimte bieden voor zelfbouw in particulier opdrachtgeverschap in een ruimtelijk kader van een globaal eindplan met bouwtitel. De Wet geluidhinder dwingt je dan om gedetailleerd akoestisch onderzoek te doen terwijl je nog helemaal niet zeker weet wanneer en hoeveel woningen er komen. Het maakt nogal wat uit of je eerst de bebouwing langs het spoor denkt te realiseren, of die daarachter, in het middengebied dus. Er zijn allerlei uitvoerings- en faseringsvarianten, voor dat gebied zelfs acht in totaal. Daarvoor moet je een enorm uigebreide onderzoeken doen, terwijl de kans dat je daarbij precies de variant hebt gepakt die uiteindelijk wordt gerealiseerd ook nog van toeval afhankelijk is.\u2019<\/p>\n<h3>Winst in tijd, geld en werk<\/h3>\n<p>De Omgevingswet gaat het veel gemakkelijker maken om globaal te bestemmen (\u2018functies toedelen aan locaties\u2019 heet dat onder de Omgevingswet). Daarin neem je alle relevante aspecten mee, zoals geluid, milieu, lucht, externe veiligheid, in algemene termen gesteld. Pas bij latere vergunningaanvragen ga je gericht onderzoeken wat het specifieke effect is op die locatie, zo omschrijft Arjan Nijenhuis de essenti\u00eble verandering.<\/p>\n<blockquote>\n<p>Gemeenten hebben toch de behoefte om enige fasering aan te brengen<\/p>\n<\/blockquote>\n<p>In het geval van de Haagse Laakhaven zou dat dus betekenen dat er algemene milieueisen als voorwaarde gelden, die na globaal onderzoek in het omgevingsplan komen te staan. Bijvoorbeeld de maximale geluidsbelasting. Alles mag in dit gebied, als de geluidbelasting aan de gevel van de nieuw te realiseren woningen maar niet meer wordt dan 50 dB(A) bijvoorbeeld. Bij de vergunningaanvragen voor de woningen toetst men dan of aan die voorwaarde wordt voldaan. \u2018Het verschil met het bestemmingsplan is dat je vervolgens alleen de variant onderzoekt die daadwerkelijk wordt uitgevoerd. Dat scheelt heel veel tijd, geld en werk\u2019, weet Maarten Engelberts al op voorhand. \u2018Het toepassen van een vroege quick scan bevordert ook de integrale afweging. Kansen en knelpunten komen namelijk in de beginfase en in onderling verband in beeld. Op basis van die informatie kun je dan bijsturen en de bestuurlijke afweging maken.\u2019<\/p>\n<p>Deze fasering is straks met de Omgevingswet ook toe te passen bij het instrument projectbesluit. Daarbij is geleerd van het projectuitvoeringsbesluit uit de Crisis- en herstelwet. Alle noodzakelijke onderzoeken, afwegingen en besluiten moeten daarbij in \u00e9\u00e9n keer. Reden waarom dat instrument slechts een paar keer is toegepast, weet Nijenhuis. \u2018De ervaring laat zien dat gemeenten er toch behoefte aan hebben om enige fasering aan te brengen. Gewoon, omdat ze niet precies alle details in \u00e9\u00e9n keer kunnen overzien. Je mag het straks in \u00e9\u00e9n keer of in stappen doen.<\/p>\n<p><img loading=\"lazy\" src=\"https:\/\/juriplan.nl\/wp-content\/uploads\/2020\/09\/laakhaven-plankaart-1-150x150.jpg\" width=\"247\" height=\"247\" alt=\"\" class=\"wp-image-5954 aligncenter size-thumbnail\" \/><\/p>\n<p>De fasering is net zo goed van belang voor de vergunningaanvrager. Die hoeft niet meer eerst een heel pakket met ontwerptekeningen aan te leveren om erachter te komen of iets wel of niet kan. De onlosmakelijke samenhang is losgelaten. Een initiatiefnemer kan aangeven welke activiteit van zijn project hij op welk moment wil laten toetsen. Je kunt beginnen met de vraag of je op die plek \u00fcberhaupt wel iets mag. Als het mag, ga je tekenen en op gebouwniveau onderzoeken wat de effecten zijn. \u2019<\/p>\n<h3>Laan van de Leefomgeving<\/h3>\n<p>In de huidige praktijk worden gegevens vaak niet opnieuw gebruikt. Onderzoek ten behoeve van een bestemmingsplan wordt zelden gebruikt bij het verlenen van afwijkingen van dat bestemmingsplan. Monitoringsgegevens worden vaak niet gebruikt voor besluitvorming over projecten. Ook eerdere onderzoeken voor projecten worden vaak niet hergebruikt. De stelselherziening stimuleert het hergebruik van onderzoeks- en monitoringsgegevens. De Laan van de Leefomgeving speelt daarbij een belangrijke rol. Alle gegevens over de kwaliteit van de leefomgeving krijgen daarin een plek. De wet regelt dat je ze twee jaar mag gebruiken. Zijn ze ouder dan moeten ze worden geactualiseerd. Op elk gewenste moment kunnen dus actuele gegevens worden opgevraagd. Arjan Nijenhuis: \u2018Het grote voordeel van de Laan is dat initiatiefnemers, bevoegd gezag en belanghebbenden van dezelfde gegevens gebruik kunnen maken die voldoen aan dezelfde kwaliteitscriteria. Je voorkomt dan oeverloze discussies over de betekenis van gegevens en de modellen erachter.\u2019<\/p>\n<blockquote>\n<p>Stimulans voor hergebruik van onderzoeks- en monitoringsgegevens<\/p>\n<\/blockquote>\n<p>Op een aantal punten moet de stelselherziening leiden tot versobering van de onderzoeksverplichting. Met vuistregels voor de meest voorkomende aspecten van de leefomgeving is makkelijk een quick scan te maken. Bij een initiatief met weinig impact hoort weinig onderzoek. Initiatieven die \u2018niet in betekenende mate\u2019 bijdragen aan een wijziging van de kwaliteit van de leefomgeving hoeven niet per initiatief te worden getoetst. En de wetgever wil schijnzekerheid bij de uitkomst van onderzoeken voorkomen door geen normen tot vier decimalen achter de komma te stellen. Maak van onderzoek, toetsing en monitoring \u00e9\u00e9n lijn, op basis van de beleidscyclus, is de gedachte. Volgens Maarten Engelberts is dat hard nodig. \u2018Wat is de zin van heel precies de grenzen voor stikstofdepositie of geluid vast te leggen als je weet dat die naar tijd en plaats heel erg fluctueren? Hoe re\u00ebel is zo\u2019n cijfer dan? Waarom wekken we de suggestie dat we weten wat de situatie voor de komende tien jaar is? Het lijkt mij veel beter om aan de voorkant globaler in te schatten en vervolgens de mogelijkheid te hebben om achteraf te kunnen ingrijpen als er ineens veel hogere waarden uitkomen. Je kunt de ontwikkeling in zo\u2019n gebied in de gaten houden door goed te monitoren. Dat werkt gewoon veel effici\u00ebnter. Zorg ervoor dat je de onderzoeksgegevens steeds gebruikt en breed beschikbaar stelt, en niet ergens wegstopt in een la. Ik denk dat de ervaring zal uitwijzen dat de onderzoekslasten verder zullen afnemen als je in de beleidscyclus meer nadruk legt op de monitoring.\u2019<\/p>\n<h3>Practice what you preach<\/h3>\n<p>De Omgevingswet biedt de mogelijkheden om effici\u00ebnter en slimmer met de onderzoeksverplichting om te gaan. Het hangt van de organisatie af of daar vervolgens optimaal gebruik van wordt gemaakt. Zelfs in de gemeente Den Haag, waar voor meerdere gebieden met globale plannen wordt gewerkt, ligt dat niet voor de hand. Maarten Engelberts: \u2018Op het stadhuis zie je nog steeds een enorme regelreflex. Organische gebiedsontwikkeling, globaal plannen, dat roept natuurlijk allemaal onzekerheden op. Kunnen we de maximaal toegestane bouwhoogte wel loslaten? Moeten we de afstand tussen de weg en de bebouwing niet preciezer aangeven of vastleggen hoeveel horeca zich ergens mag vestigen?<br \/> Benader het eens van de andere kant: wat gebeurt er als je het niet regelt? Of: wat wil je \u00e9cht niet? Regel dat dan, en laat de rest zoveel mogelijk vrij.\u2019<\/p>\n<p>Het heeft alles te maken met de bestuurscultuur, meent Arjan Nijenhuis. \u2018Zegt de bestuurder dat er genoeg onderzoek is gedaan, dat hij het nu wel weet en dat we aan de slag moeten? Of laat hij vanuit onzekerheid, twijfel of politieke spanningen nog maar weer eens een extra onderzoekje doen, terwijl dat niet verplicht is?<br \/> De kernvraag is inderdaad of je de organisatie zo hebt staan, dat je echt slagvaardiger en beter kunt gaan werken. Daarom is het belangrijk om er nu alvast op voor te sorteren met experimenten en partneroverheden eraan te laten wennen hoe ze straks het beste kunnen gaan werken. Want de wetgeving dwingt dat wel af.<br \/> We zijn voortdurend in het land om in gesprek te blijven met de uitvoeringspraktijk. Dat doen we ook bij grote complexe bedrijven, bijvoorbeeld bij Chemelot in Limburg. Zo houden wij voortdurend voeling met de praktijk om te weten te komen waar precies behoefte aan is en hoe we de instrumenten moeten vormgeven. Iemand als Maarten levert vanuit de uitvoeringspraktijk heel veel nuttige input. Vanaf het begin af aan hebben we gezegd dat de stelselherziening bedoeld is voor de uitvoeringspraktijk. In sommige gevallen doen we dat letterlijk, door mensen als hij binnen te halen en mee te laten werken aan de invoeringsbesluiten. Practice what you preach. Wij zeggen altijd \u201cGa met de belanghebbenden zo vroeg mogelijk in het proces om de tafel\u2026dat komt ten goede aan de kwaliteit en het draagvlak voor de besluitvorming\u201d. Dan is het logisch dat je zelf het goede voorbeeld geeft.\u2019<\/p>\n<p>[\/et_pb_text][\/et_pb_column][\/et_pb_row][\/et_pb_section]<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>[et_pb_section fb_built=&#8221;1&#8243; _builder_version=&#8221;4.4.8&#8243; background_enable_color=&#8221;off&#8221;][et_pb_row _builder_version=&#8221;4.6.1&#8243; background_color=&#8221;#f2f2f4&#8243; max_width=&#8221;none&#8221; custom_padding=&#8221;2vw|2vw|1vw|2vw|false|false&#8221;][et_pb_column type=&#8221;4_4&#8243; _builder_version=&#8221;4.6.1&#8243; background_color=&#8221;#f2f2f4&#8243; custom_padding=&#8221;||||false|false&#8221;][et_pb_post_title _builder_version=&#8221;4.6.1&#8243; _module_preset=&#8221;default&#8221; date_format=&#8221;j M Y&#8221; featured_image=&#8221;off&#8221; hover_enabled=&#8221;0&#8243; sticky_enabled=&#8221;0&#8243;][\/et_pb_post_title][et_pb_text _builder_version=&#8221;4.6.1&#8243; custom_padding=&#8221;|2vw||2vw|false|false&#8221; hover_enabled=&#8221;0&#8243; sticky_enabled=&#8221;0&#8243;] Gemeenten experimenteren met Omgevingswet Door het ruimtelijke planproces op te splitsen in een globaal en specifiek deel zijn onderzoekslasten aanzienlijk te reduceren. Het omgevingsplan biedt in de toekomst meer mogelijkheden voor [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":2,"featured_media":2301,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"gallery","meta":{"_et_pb_use_builder":"on","_et_pb_old_content":"<p><strong>De vorst beet diep in de zwarte ijsvloer, onze adem vormde wolkjes in de ochtendschemer. De eerste veertig kilometers van de Alternatieve Elfstedentocht Weissensee zaten erop. Achter de bergen kwam de zon op.<\/strong><\/p><p><strong>Het felle oranje licht tilde me op, alles in me juichte. Ik ging dieper zitten om met meer kracht te kunnen afzetten en ging volledig op in het wondermooie landschap. \u2018H\u00e9 Maarten\u2019, hoorde ik roepen in de verte, \u2018een tandje minder graag.\u2019 Ik was de groep helemaal uit het oog verloren.<\/strong><\/p><h6>IN DE WOLKEN<\/h6><p>Als je in de wolken bent loop je al gauw te ver voor de troepen uit. Toen ik nog werkte op het ministerie van I en M was ik jarenlang betrokken bij het ontwikkelen van de Omgevingswet. De stapeling van sectorale regelgeving in het fysiek domein was fnuikend voor initiatieven, en voor de toen kwakkelende economie. We moesten naar een ander paradigma, van regels naar ruimte. Naar een wereld waarin ruimte en rechtszekerheid samen optrekken en niet tegenover elkaar staan. Zo ontstond de nieuwe wet met z\u2019n instrumenten, z\u2019n integrale benadering en z\u2019n veel grotere afwegingsruimte voor gemeenten.<\/p><p>Maar hoe maak je in de praktijk de stap van de bestaande orde naar een volkomen nieuwe werkelijkheid? Hoe kom je van kaarsen naar gloeilampen? Ik ben nu lid van het Team Invoering Omgevingswet bij de VNG. Deze vraag houdt ons elke dag bezig. Het ligt in de rede dat gemeenten er even hard mee gaan worstelen.<\/p><h6>DILEMMA'S EN AMBITIE<\/h6><p>De ontwikkeling van staalkaarten voor het omgevingsplan geeft een inkijkje in de dilemma\u2019s waar we tegenaan lopen. Het idee van die staalkaarten is gemeenten te ondersteunen bij het maken van goede regels. De gemeentelijke ambities staan in de omgevingsvisie: wat voor gemeente willen we zijn? In het omgevingsplan worden de ambities vertaald in regels. In de oude situatie maakte de VNG modelverordeningen voor veel thema\u2019s in het fysiek domein. Gemeenten passen zo\u2019n model aan op de lokale situatie. De staalkaarten zijn ook zo bedoeld: als een soort Lego-instructieboekje. Maar dan niet met vaste uitkomsten, maar als aanzet om met een grote doos blokjes verschillende creaties te maken. Ook vrije creaties.<\/p><p>Hoe kom je in bepaalde situaties van een visie naar concrete regels in een omgevingsplan? Welke stappen ga je dan zetten? Stel dat je een binnenstad met leegstand in de winkelstraten, wilt revitaliseren. Dan kun je keuzes maken voor de functies van panden, overleggen met eigenaren, financi\u00eble instrumenten inzetten en uiteindelijk keuzes vertalen in regels. Regels die ruimte bieden voor de doelen die je wilt bereiken. Vervolgens ga je monitoren of het werkt en regels bijstellen waar nodig. In de huidige situatie hebben we nog vaak te maken met dichtgetimmerde bestemmingsplannen die werken als een krimpfolie, terwijl we ruimte willen om onze doelen te bereiken.<\/p><h6>STAALKAARTEN<\/h6><p>We werken nu aan staalkaarten voor het omgevingsplan voor vier thema\u2019s, twee gebiedsgerichte: centrum-stedelijk en buiten centrum stedelijk. De andere twee zijn thematisch: energietransitie en bedrijfsmatige activiteiten. Eind vorig jaar hebben de bureaus die eraan werken hun eerste raamwerken gepresenteerd. Ik herkende daarin nog niet veel van de meeslepende nieuwe werkelijkheid en des te meer van de bestaande.<\/p><p>Hoe ontwikkel je van A naar B? Maak je A steeds wat kleiner tot er uiteindelijk een B ontstaat? Of doe je A weg en probeer je meteen een B te maken? Maar wat als die B totaal mislukt? Hoe word je van een kaarsenmaker een lampenmaker? Het is niet zo gek dat het raamwerk voor de staalkaarten nog veel lijkt op een bestemmingsplan oude stijl. We hebben de mensen uit de huidige praktijk gevraagd om iets heel anders te gaan doen. Er is een gat gevallen tussen hen en de nieuwlichters van het ministerie, aangestoken door de oranje ochtendzon. Misschien blijven de wilde idee\u00ebn van die lui voor een deel altijd wel dromen. Zal het lukken vernieuwing te krijgen als je traditioneel aanbesteedt of moet het anders? En ja, natuurlijk: de nieuwe omgevingsplannen moeten ook de mogelijkheid bieden om te conserveren wat van waarde is. De staalkaarten moeten het hele spectrum bedienen, van innoverend naar behoudend. Het gaat om een route naar goede en proportionele regels voor alle gevallen. Dat vraagt een team van lampenmakers en kaarsenmakers.<\/p><h6>VERANDEROPGAVE<\/h6><p>We worstelen met de veranderopgave, het is een ontdekkingstocht met hindernissen. De kopman heeft het licht gezien en is z\u2019n ploeg verloren. Er zit een braam op je ijzer of een scheur in het ijs. Het gaat er niet om hoe vaak je valt, maar om hoe snel je opstaat of elkaar weer overeind helpt. Want zo is het met veranderen: het moet veilig genoeg zijn om het te durven!<\/p>","_et_gb_content_width":"","_mi_skip_tracking":false},"categories":[27],"tags":[21,16,88,127],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO plugin v14.9 - https:\/\/yoast.com\/wordpress\/plugins\/seo\/ -->\n<title>Vermindering onderzoekslasten door fasering - RO magazine<\/title>\n<meta name=\"description\" content=\"Gemeenten experimenteren met Omgevingswet - Vermindering onderzoekslasten door fasering. Het omgevingsplan biedt mogelijkheden voor fasering. Achtergrond bij de nieuwe wetgeving door Arjan Nijenhuis en Maarten Engelberts.\" \/>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/juriplan.nl\/?p=3706\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"nl_NL\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"Vermindering onderzoekslasten door fasering - RO magazine\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"Gemeenten experimenteren met Omgevingswet - Vermindering onderzoekslasten door fasering. Het omgevingsplan biedt mogelijkheden voor fasering. Achtergrond bij de nieuwe wetgeving door Arjan Nijenhuis en Maarten Engelberts.\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/juriplan.nl\/?p=3706\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Juriplan Advies\" \/>\n<meta property=\"article:published_time\" content=\"2015-02-11T09:35:33+00:00\" \/>\n<meta property=\"article:modified_time\" content=\"2020-09-07T11:45:11+00:00\" \/>\n<meta property=\"og:image\" content=\"https:\/\/juriplan.nl\/wp-content\/uploads\/2020\/07\/impressie-laakhaven.jpg\" \/>\n\t<meta property=\"og:image:width\" content=\"650\" \/>\n\t<meta property=\"og:image:height\" content=\"340\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\/\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"Organization\",\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/#organization\",\"name\":\"Juriplan Avies\",\"url\":\"https:\/\/juriplan.nl\/\",\"sameAs\":[\"https:\/\/www.linkedin.com\/company\/juriplan\/\"],\"logo\":{\"@type\":\"ImageObject\",\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/#logo\",\"inLanguage\":\"nl\",\"url\":\"https:\/\/juriplan.nl\/wp-content\/uploads\/2020\/09\/logo-met-tekst-vanaf-website-1-e1599314088142.jpg\",\"width\":504,\"height\":200,\"caption\":\"Juriplan Avies\"},\"image\":{\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/#logo\"}},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/#website\",\"url\":\"https:\/\/juriplan.nl\/\",\"name\":\"Juriplan Advies\",\"description\":\"Wij ontwikkelen omgevingplannen die het tempo van de maatschappij kunnen bijhouden. \",\"publisher\":{\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/#organization\"},\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":\"https:\/\/juriplan.nl\/?s={search_term_string}\",\"query-input\":\"required name=search_term_string\"}],\"inLanguage\":\"nl\"},{\"@type\":\"ImageObject\",\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/?p=3706#primaryimage\",\"inLanguage\":\"nl\",\"url\":\"https:\/\/juriplan.nl\/wp-content\/uploads\/2020\/07\/impressie-laakhaven.jpg\",\"width\":650,\"height\":340},{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/?p=3706#webpage\",\"url\":\"https:\/\/juriplan.nl\/?p=3706\",\"name\":\"Vermindering onderzoekslasten door fasering - RO magazine\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/#website\"},\"primaryImageOfPage\":{\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/?p=3706#primaryimage\"},\"datePublished\":\"2015-02-11T09:35:33+00:00\",\"dateModified\":\"2020-09-07T11:45:11+00:00\",\"description\":\"Gemeenten experimenteren met Omgevingswet - Vermindering onderzoekslasten door fasering. Het omgevingsplan biedt mogelijkheden voor fasering. Achtergrond bij de nieuwe wetgeving door Arjan Nijenhuis en Maarten Engelberts.\",\"inLanguage\":\"nl\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\/\/juriplan.nl\/?p=3706\"]}]},{\"@type\":\"Article\",\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/?p=3706#article\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/?p=3706#webpage\"},\"author\":{\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/#\/schema\/person\/740da66a4c94cc797a2cd85883cb35bb\"},\"headline\":\"Vermindering onderzoekslasten door fasering\",\"datePublished\":\"2015-02-11T09:35:33+00:00\",\"dateModified\":\"2020-09-07T11:45:11+00:00\",\"mainEntityOfPage\":{\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/?p=3706#webpage\"},\"commentCount\":0,\"publisher\":{\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/#organization\"},\"image\":{\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/?p=3706#primaryimage\"},\"keywords\":\"Omgevingsplan,Omgevingswet,RO magazine,vermindering onderzoekslasten\",\"articleSection\":\"Publicatie\",\"inLanguage\":\"nl\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"CommentAction\",\"name\":\"Comment\",\"target\":[\"https:\/\/juriplan.nl\/?p=3706#respond\"]}]},{\"@type\":\"Person\",\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/#\/schema\/person\/740da66a4c94cc797a2cd85883cb35bb\",\"name\":\"Maarten Engelberts\",\"image\":{\"@type\":\"ImageObject\",\"@id\":\"https:\/\/juriplan.nl\/#personlogo\",\"inLanguage\":\"nl\",\"url\":\"https:\/\/secure.gravatar.com\/avatar\/16744d1bc2875af5a9051c3b906c64b0?s=96&d=mm&r=g\",\"caption\":\"Maarten Engelberts\"},\"sameAs\":[\"https:\/\/www.linkedin.com\/in\/maarten-engelberts\/\"]}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO plugin. -->","_links":{"self":[{"href":"https:\/\/juriplan.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/3706"}],"collection":[{"href":"https:\/\/juriplan.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/juriplan.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/juriplan.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/users\/2"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/juriplan.nl\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcomments&post=3706"}],"version-history":[{"count":15,"href":"https:\/\/juriplan.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/3706\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":6174,"href":"https:\/\/juriplan.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/3706\/revisions\/6174"}],"wp:featuredmedia":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/juriplan.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/media\/2301"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/juriplan.nl\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fmedia&parent=3706"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/juriplan.nl\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcategories&post=3706"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/juriplan.nl\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Ftags&post=3706"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}